Je eigen toekomst 3HV
Leerlingen zijn drie dagen bezig met het kiezen van een profiel. In de studielessen voorafgaand aan deze drie dagen werken leerlingen een lesuur per week aan de hand van de methode Qompas. Het programma Qompas bevat vijf testen die de capaciteiten en de interesses van leerlingen in beeld brengen. Alle testen kunnen worden opgeslagen in een digitaal dossier. Verder geeft het programma informatie over de inhoud van de vier profielen: EM (economie en maatschappij), CM (cultuur en maatschappij), NG (natuur en gezondheid) en NT ( natuur en techniek). Ook biedt Qompas een overzicht van opleidingen en beroepen die behoren bij de verschillende profielen. Tijdens de drie werkdagen in de projectweek krijgen leerlingen voorbereidende lessen, waarin docenten laten zien wat leerlingen te wachten staat in de havo- en vwo-bovenbouw.
Speciale aandacht besteden we aan het vak wiskunde. In de bovenbouw van het vwo kunnen vier soorten wiskunde worden gekozen, gerelateerd aan de profielen (Wiskunde C bij profiel CM, wiskunde A bij profiel EM en Wiskunde B en D bij de profielen NG en NT). In de havo kunnen 3 soorten wiskunde worden gekozen (Wiskunde A bij profiel EM, wiskunde B en D bij de profielen NT en NG).
Leerlingen interviewen ook een beroepsbeoefenaar, meestal ouders die zich hiervoor opgeven. Doel van dit interview is om leerlingen te laten zien dat in heel veel gevallen de keuze van een profiel of opleiding niet direct in verband staat met het beroep dat iemand later gaat uitoefenen. Vanzelfsprekend zijn op het hierboven staande ook veel uitzonderingen zoals bijvoorbeeld de keuze op vwo-niveau van profiel NG kan leiden tot een studie geneeskunde en vervolgens tot het beroep arts.
In klas 3HV wordt de onderbouw afgesloten. Hoewel de leerling aan het begin van het jaar begint op een vaststaande leerlijn (havo of vwo), kan nog in de derde klas een verandering plaatsvinden. Leerlingen kunnen terugzakken van vwo naar havo en van havo naar mavo of omgekeerd stijgen van havo naar vwo. Op 1 mei van het schooljaar moet duidelijk zijn of de leerling in de bovenbouw gaat werken op havo- of vwo-niveau en welk profiel hij kiest.
